top of page

Eeuwenoude historie, ontworpen voor een nieuwe toekomst

Schermafbeelding 2026-08-13 094948.png
technische ruimte.png

Midden in Leiden staat een bijzonder monumentaal complex met een geschiedenis die teruggaat tot de zeventiende eeuw. Na eeuwen van verschillende functies krijgt het rijksmonument opnieuw een nieuwe bestemming. Binnen de herontwikkeling wordt het gebouw hoofdzakelijk getransformeerd tot hotel en kantoor, met hoge ambities voor zowel duurzaamheid als het behoud van de monumentale waarden.

Visietech kreeg de uitdaging om een installatieconcept te ontwerpen waarmee het monument gasloos kan worden verwarmd en gekoeld, zonder dat de techniek het karakter van het gebouw gaat bepalen. Geen eenvoudige vervanging van bestaande installaties, maar een compleet nieuw energiesysteem waarin comfort, duurzaamheid, beperkte ruimte en beschikbare elektrische capaciteit samenkomen.

Het Voorlopig Ontwerp is inmiddels uitgewerkt. Daarin zijn de keuzes voor onder andere warmte- en koudeopwekking, ventilatie, distributie en energievoorziening integraal benaderd

"Een monument hoeft niet aangepast te worden aan de techniek. De techniek moet zich aanpassen aan het monument."

Gasloos binnen de grenzen van het monument

De oplossing zit niet in één installatie, maar in het samenspel
 

De bestaande situatie past niet meer bij de nieuwe toekomst van het monumentale pand. De verwarming bestaat uit vijf gasgestookte cv-ketels, terwijl de oorspronkelijke koel- en ventilatie-installaties al langere tijd buiten gebruik zijn. Tegelijkertijd is aansluiting op de stadsverwarming onderzocht, maar bleek deze oplossing economisch niet haalbaar. Voor de toekomstige hotelkamers, kantoren en horecafuncties is daarom een volledig nieuw installatieconcept nodig.

De basis van het ontwerp wordt gevormd door een cascade van kleinere warmtepompen voor de opwekking van warmte en koude. Daarbij zijn verschillende mogelijke energiebronnen onderzocht, waaronder lucht, aquathermie via de omliggende gracht en bodemenergie. Juist bij een monument speelt niet alleen het rendement een rol. Installaties moeten ook ruimtelijk en visueel inpasbaar zijn. Een luchtbron met grote drycoolers is daardoor moeilijk verenigbaar met de monumentale status van het gebouw en zijn omgeving. Een geboorde bron heeft als belangrijk voordeel dat deze vrijwel volledig uit het zicht kan worden aangebracht en gedurende het jaar een stabiel rendement biedt.

Binnen het gebouw wordt gewerkt met een vierpijpssysteem, waardoor gelijktijdig kan worden verwarmd en gekoeld. Dat is met name voor de toekomstige hotel- en kantoorfunctie belangrijk: terwijl aan de ene zijde van het gebouw behoefte kan zijn aan koeling, kan aan de andere zijde nog warmte worden gevraagd. Hotelkamers en kantoren worden voorzien van laagtemperatuur ventilatorconvectoren waarmee ruimtes relatief snel op de gewenste temperatuur kunnen worden gebracht. Iedere verblijfsruimte krijgt daarbij een eigen temperatuurregeling.

Daarmee ontstaat een installatieconcept dat niet alleen afscheid neemt van de traditionele gasgestookte verwarming, maar ook aansluit bij de manier waarop het gebouw straks daadwerkelijk wordt gebruikt.

Moderne techniek, zoveel mogelijk uit het zicht

Een zeventiende-eeuws gebouw geeft de techniek geen vrije ruimte
 

Een nieuwe installatie ontwerpen is één ding. Die installatie inpassen in een monumentaal gebouw is een heel andere opgave. Leidingen, ventilatiekanalen en technische installaties kunnen niet simpelweg worden aangebracht waar dat technisch het gemakkelijkst is. De architectuur en monumentale waarden bepalen voor een belangrijk deel waar de techniek zijn plek kan krijgen.

Juist daarin zit een belangrijk deel van de oplossing. Op de eerste verdieping wordt een dubbele vloer benut als installatieruimte voor onder andere verwarmings-, koel- en waterleidingen. Bestaande convectorputten worden waar mogelijk opnieuw gebruikt voor leidingtracés en installaties worden via zorgvuldig gekozen schachten door het gebouw verdeeld. Voor de ventilatie wordt het kanaalwerk zoveel mogelijk in de nokken van de zolder ondergebracht en worden bestaande schoorstenen benut voor de toevoer van verse lucht. Zo wordt bestaande ruimte in het monument onderdeel van het nieuwe installatieconcept.

Ook de beschikbare elektriciteit vraagt om slimme keuzes. De huidige aansluiting bedraagt slechts 56 kW (3 x 80 ampère), terwijl voor de herontwikkeling een uitbreiding naar 147 kW is aangevraagd. Zelfs dat vermogen is volgens het Voorlopig Ontwerp niet voldoende om zonder meer aan de volledige piekvraag van het gebouw te voldoen. Daarom wordt binnen het ontwerp ook gekeken naar oplossingen voor het beheersen en opvangen van die pieken.

Het resultaat is geen standaard installatieconcept dat in een monument wordt geplaatst, maar een ontwerp dat vanuit het gebouw zelf tot stand komt. Nieuwe techniek maakt het gebouw comfortabel en toekomstbestendig, terwijl de historische architectuur de hoofdrol blijft spelen.

bottom of page